Branchediploma: leren op je eigen machines.

Wat doe je als je al drie jaar de Oleochemische fabriek op volle toeren laat draaien, als senior operator leiding geeft aan drie collega’s, waarvan sommigen al VAPRO C op zak hebben, maar zelf ‘slechts’ B-gecertificeerd bent? Het is het verhaal van Hans Grinwis, senior operator bij Wilmar Oleochemicals (Botlek). VAPRO ontwikkelde voor hem een traject op maat.

Toen HR voorstelde een opleiding te volgen, hoefde Hans niet lang na te denken. Gemotiveerd was hij tot op het bot, maar in de praktijk viel het studeren flink tegen. Bij een lokale opleider zette Hans z’n tanden in Niveau 4, dat gelijk staat aan VAPRO C. Hij kreeg drie vakken: wiskunde, natuurkunde en procesbeheersing – zware kost, want uitsluitend theorie. Hans: “Veel cursisten haakten af: te klassikaal, te snel. En alles moest in eigen tijd, dat was voor mij niet te combineren met privé. Waar ik vooral over struikelde was de bulk theorie. Veel formules met uitleg van docenten waarvan sommigen nog nooit een fabriek van binnen hebben gezien …” Hans had het gevoel een ‘apentrucje’ te leren zonder link met het proces in ‘zijn’ fabriek. Wat nu?

Hans Grinwis – Wilmar Oleochemicals

Studeren onder werktijd
De accountmanager van VAPRO kwam ‘toevallig’ langs om even bij te praten. Christine Bekker (HR-manager) vertelde over Hans en al snel werd duidelijk dat het Branchediploma C voor hem geknipt was: VAPRO vertaalt dan alle theorie direct naar de machines in de fabriek van Wilmar, in samenspraak met hun eigen procestechnoloog. Zo kan Hans in één jaar toewerken naar zijn Meesterproef, op VAPRO C-niveau. Ook interessant: Hans kan studeren in werktijd. HR enthousiast, Hans enthousiast – dus volgde er een intake om te kijken of hij het traject aankon. Hans slaagde glansrijk voor die test.

 

Christine Bekker – Wilmar Oleochemicals

 Praktische leeropdrachten
Hans: “Ons ruwe product is methylester, biodiesel dus. Dat zetten we om in vet-alcoholen met methanol als ‘bijproduct’. Ik kreeg allerlei leeropdrachten waarvoor ik de fabriek in moest, gemaakt door mijn VAPRO-docent en mijn interne mentor. Bijvoorbeeld: is het mogelijk de prestaties van onze reactor te verbeteren, door de laatste restjes ongebruikt methylester terug te winnen? Hoeveel je terugwint is vooral afhankelijk van druk, temperatuur en mengverhouding – dat deden we toen nog op basis van operationele ervaring.”

VAPRO Leerervaringskaarten
Hans beschreef tijdens de opleiding zijn ervaringen en keuzes op VAPRO Leerervaringskaarten, die weer besproken werden tijdens het examen. En hij schreef een verslag van 40 pagina’s, vol berekeningen, conclusies en aanbevelingen. “Met behulp van statistische procescontrole onderzocht ik wat de meest effectieve instellingen zijn voor het productieproces. We konden de meeste methylesters terugwinnen bij een hogere druk, lagere temperatuur en hoge concentratie methanol. Met mijn aanpak kunnen we 10% meer grondstoffen hergebruiken, op jaarbasis is die winst enorm.” Christine haakt daar enthousiast op in: “Hans berekende in zijn onderzoek ook de maximale capaciteit van de reactor. We overwogen een tweede reactor aan te schaffen, maar die blijkt dus helemaal niet nodig: een gigantische besparing.”

‘Verbeteren stopt nooit’
Waarom koos Wilmar voor VAPRO? Christine zegt dat VAPRO al jaren in beeld is en al opleidingen verzorgde op Wilmars eerste fabriek in Nederland, een palmolieraffinaderij. “We weten dat het de investering waard is. VAPRO snapt als geen ander waar een operator tegenaan loopt. We zien ook dat onze mensen na een VAPRO-traject op een hoger niveau werken. Ze snappen de processen beter, werken projectmatiger en hebben meer oog voor samenwerking.” Hans knikt: “Ik werk nu systematischer: eerst het probleem in kaart brengen, dan de beste aanpak kiezen en vervolgens gericht werken aan de oplossing. Ik ben anders gaan denken en probeer de aanbevelingen in mijn onderzoek ook echt in de praktijk te brengen. Want als er één ding is dat ik geleerd heb, is dat het verbeteren van je processen nooit stopt.”